Wondzorg, een vak apart

Ergens in september struikelde mevrouw Ouwehand (82) over een drempel. De punt van haar rollator drong diep in haar been en maakte een gapende wond. Die kon niet gehecht worden en was nauwelijks te stelpen. Het zag er niet goed uit: van een soortgelijke maar minder ernstige wond die ze een paar jaar terug opliep, had ze zeker een halfjaar last gehad. Dit keer kwam het specialistische wondzorgteam van Marente op haar pad en verliep de genezing aanzienlijk sneller.

Tekst: Annemieke Bartholomeus       Fotografie: Michel ter Wolbeek

“Ik was onderweg naar de kerk toen ik viel”, vertelt mevrouw Ouwehand. “Mijn eerste reactie was om de koster om een pleister te vragen.” Omstanders zagen direct dat er meer nodig was en brachten haar naar de eerste hulp in Voorhout. “Daar kreeg ik een grote pleister op mijn been. Die moet een dag of drie blijven zitten, werd erbij gezegd. Maar na nog geen drie uur liep het bloed er zó uit. Toen heeft de huisarts me doorverwezen naar de wijkzorg van Marente. Wat ik sindsdien aan zorg ervaar, is in één woord geweldig!” 

Het mooie van wondzorg is dat je altijd verbetering kan brengen en kunt bijdragen aan de kwaliteit van leven.

300 wonden per week

Grote troef van Marente is een vierkoppig gespecialiseerd wondzorgteam dat nauw bij de begeleiding betrokken is. “Wij hebben de regiefunctie op het gebied van complexe wondzorg”, legt verpleegkundig specialist Marcha Vonk uit. “Elke week zien wij zo’n 300 wonden uit de hele regio - alle wonden waarvan de verwachting is dat ze niet binnen twee weken dicht zijn, nemen wij onder onze hoede. Dat zijn vaak wonden die ontstaan zijn bij ongelukjes zoals die van mevrouw Ouwehand, maar ook grote schaafwonden, brandwonden, open zweren, tumoren die door de huid breken, operatiewonden die niet goed genezen en diabetische wonden. Wij proberen alle cliënten persoonlijk te zien. Daarbij bespreken we de voorgeschiedenis, kijken we of er nog extra onderzoek nodig is zoals een vaat- of dotteronderzoek en stellen we in overleg met de patiënt een mooi behandelplan op.”

Nauwkeurige monitoring

Zo ging dat ook bij mevrouw Ouwehand. “We hebben eerst de dermatoloog in een consult gevraagd of er een aanpassing in de medicatie kon komen in verband met de pijn die mevrouw ervaarde. Met de dermatoloog hebben we het wondbeleid dat ik wilde inzetten besproken. De medicatie is aangepast en hetzelfde wondbeleid wat ik had ingezet is gecontinueerd.” vertelt Marcha. “Dat maakte duidelijk dat wij de verzorging goed konden overnemen.” Het behandelplan beschrijft onder meer hoe de wond het beste behandeld, schoongemaakt en verbonden kan worden en welke zalfjes en wondmaterialen nodig zijn. Marcha: “De uitvoering ligt voor een groot deel bij het wijkteam dat wij hierin begeleiden. Bijzonder aan Marente is dat elk wijkteam een ‘aandachtsvelder’ wondzorg heeft met een aanvullende opleiding op het gebied van wondzorg. Deze collega maakt elke week met toestemming van de patiënt foto’s van de wond en stuurt die via een beveiligde verbinding naar ons. Zo monitoren wij vanuit het wondzorgteam nauwkeurig of het herstel goed verloopt en of we het behandelplan moeten bijstellen. De huisarts of de specialist in het ziekenhuis blijft de hoofdbehandelaar - we voeren als medebehandelaar regelmatig overleg. Op die manier krijgen mensen specialistische wondzorg, zonder dat ze elke keer naar het ziekenhuis of naar een wondencentrum moeten.”

Voorop in wondzorg

Marcha maakt sinds mei 2019 deel uit van het wondzorgteam. Met haar haalde Marente een superspecialist in huis. “Ik heb lang in Engeland in de zorg gewerkt”, zegt ze. “De wijkverpleging daar is heel anders georganiseerd dan in Nederland. Het grootste verschil is dat het sociale deel helemaal losgekoppeld is van de verpleging. Je bent dus alleen maar bezig met verpleegkundig handelen zoals wondzorg, zwachtelen en antibiotica via het infuus geven. De opleidingseisen liggen heel hoog, zeker als je bijvoorbeeld leiding wil geven. Ik heb daarom aan verschillende Britse universiteiten aanvullende masteropleidingen gevolgd, onder andere tot eerstelijnszorg- en lymfoedeemspecialist. Wat dan ook opvalt is dat Engeland op het gebied van wondzorg vooroploopt; er wordt gewerkt volgens de allerlaatste wetenschappelijke inzichten en met de laatste innovaties. Geweldig dat Marente daarvoor openstaat en dat ik die kennis kan inbrengen om wondzorg naar een nog hoger plan te tillen.” 

Klaar om af te bouwen

Mevrouw Ouwehand plukt daar alvast de vruchten van. Zeven weken na haar val is van het gat in haar been waar je met gemak een vinger in kon steken, niet meer over dan een oppervlakkige wond. “Ik heb veel pijn gehad”, vertelt ze. “Daar kreeg ik zware pijnstillers voor, boven op 8 paracetamolpillen per dag. Nu ben ik aan het afbouwen. Gelukkig ben ik ook van de zwachtels af die dik om mijn been heen gewikkeld werden en ook onder mijn voet zaten. Dat maakte het lastig om schoenen aan te trekken. Nu gaat er na het schoonmaken alleen nog een elastieken kous om mijn been. De wijkzorg gaan we ook afbouwen, van drie keer per week naar straks nog een keer per week. Tot de dames van Marente helemaal niet meer hoeven te komen. Ze zorgen fantastisch voor me, maar ik zal blij zijn als ik ze alleen nog op straat tegenkom en weer alles zelf kan.” Marcha besluit: “Daar doen we het voor. Het mooie van wondzorg is dat je altijd verbetering kan brengen en kunt bijdragen aan de kwaliteit van leven.”

Thuis! bij u op de mat

Drie keer per jaar wordt het ledenmagazine Thuis! gemaakt, vol mooie artikelen, boeiende verhalen en interessante aanbiedingen. Bent u nog geen lid van Marente, vraag dan hier een proefexemplaar aan.

Ik ontvang graag een proefexemplaar